InfoNews 02/2020
14/05/2020
In functie van de actualiteit zullen wij u via dit kanaal op regelmatige basis informeren met gevarieerde onderwerpen die betrekking hebben op het dagelijkse leven van de militair.
De volledige inhoud van deze nieuwsbrief is voorbehouden voor onze leden. Niet-leden worden uitgenodigd om zich in te schrijven als lid ACMP-CGPM. Daarna zullen ook zij de volledige inhoud kunnen lezen.
> Defensie kan helpen om de strijd tegen pandemieën te winnen
> Het triestige bilan van de rekruteringen 2019
Defensie kan helpen om de strijd tegen pandemieën te winnen
Het leger kan méér doen om ons land te beschermen tegen toekomstige epidemieën. Militairen kunnen een waardevolle rol spelen bij de bestrijding van de volgende pandemie, als de lessen van deze crisis nu worden ingeprent en uitgevoerd. Hoe dit zou kunnen, leest u hier.
De Covid-19 pandemie is een geweldige uitdaging, niet alleen op het vlak van de volksgezondheid maar ook inzake veiligheid. Het is een serieuze opgave voor het leger om zijn kerntaken verder te zetten nu dat de werking, procedures en training aangepast moeten worden om de verspreiding van het virus tegen te gaan. Maar deze crisis verplicht Defensie ook om na te denken over hoe ze in de toekomst haar respons bij epidemieën dient te organiseren, zowel voor haarzelf als in dienst van de Belgische samenleving. De geschiedenis vertelt ons immers dat een andere, potentieel meer dodelijke, ziekteverwekker onontkoombaar is en dat we binnen een aantal jaren onvermijdelijk met een vergelijkbare noodsituatie geconfronteerd zullen worden.
Defensie vertegenwoordigt een enorme reservoir van talent en middelen. Vele personeelsleden zijn relatief jong, vrijwel allen zijn in uitstekende gezondheid en zijn gewend om te werken in situaties met hoge stress. De meeste militairen hebben tijdens hun loopbaan een opleiding gevolgd over het werken in een omgeving van biologische oorlogsvoering. En alleen al door hun indienstneming op basis van vrijwilligheid, hebben militairen hun bereidheid getoond om aanzienlijke persoonlijke risico's te nemen om anderen te beschermen.

De hoogste prioriteit van Defensie moet de paraatheid blijven om, zoals we in het leger zeggen, ‘op een fluitstoot’ ingezet te kunnen worden: troepen voorbereid houden om snel overal ter wereld operaties uit te voeren en om de Belgische samenleving te beschermen. Dit blijven onze hoofdbestaansredenen.
Los hiervan heeft Defensie echter het vermogen om veel bij te dragen aan het indammen van de verspreiding van infectieziekten. Hierna volgen vijf ideeën, variërend van brede strategische hervormingen tot tactische maatregelen, om de sterke punten van het leger te benutten om toekomstige pandemieën te bestrijden:
Verruim de inlichtingenketen met een robuust medisch luik. Een aanzienlijk deel van de inlichtingencapaciteit van ons land is ingebed in Defensie, waaronder ADIV en de “takken 2” van ACOS Operaties & Training en van de verschillende componenten. Deze diensten kunnen de inspanningen op het gebied van de volksgezondheid opdrijven door hun mogelijkheden voor het verzamelen van medische inlichtingen te vergroten en nauwer samen te werken met civiele partners. Inlichtingenpersoneel zou meer nadruk moeten leggen op drills en oefeningen tegen specifieke pandemische situaties en op een betere monitoring van internationale gezondheidsstatistieken en buitenlandse bio-oorlogsprogramma's.
Maak gebruik van inter-militaire relaties. Ons leger werkt routinematig met veel verschillende partnerlanden, zowel tijdens grote jaarlijkse oefeningen als in het kader van specifieke bilaterale relaties. Ze zijn meestal gericht op de training van tactische procedés en opleiding. Door een deel van deze activiteiten te besteden aan medische paraatheid, kunnen we helpen om het niveau van internationale samenwerking te verhogen wanneer de volgende pandemie zich aandient. Deze oefeningen moeten niet alleen militaire artsen omvatten, maar ook artsen en verpleegkundigen van civiele organisaties, zoals het Internationaal Comité van het Rode Kruis en Artsen zonder Grenzen. Dit zou de uitwisseling van goede ideeën tussen de publieke en de particuliere sector bevorderen.
Creëer binnen de defensiestaf een permanente cel ‘pandemics’. Alhoewel de verschillende stafdepartementen, algemene directies en commando’s toegewijde en getalenteerde specialisten tellen, wordt hun aandacht nu te veel versnipperd over te veel uiteenlopende taken om nog een adequate reactie te ontwikkelen op een pandemie. Stel daarom een nieuwe dienst ‘pandemics’ in plaats binnen de afdeling belast met de ‘territoriale operaties’. Deze cel dient te worden geleid door een militaire arts en bemand met vertegenwoordigers uit alle relevante expertisedomeinen inzake epidemieën.
Oefenen, oefenen, oefenen. Het leger besteedt jaarlijks tientallen miljoenen euro’s aan oefeningen om tactische procedés te trainen en missies voor te bereiden. Zo hoort het ook. Doch om ons voor te bereiden op wat specialisten de oorlog op een ‘onzichtbare vijand’ noemen, wordt er verhoudingswijze heel weinig tijd en middelen uitgetrokken. In de toekomst hebben we een omvangrijke, veeleisende jaarlijkse internationale oefening nodig om onze bereidheid om te reageren op een pandemie te trainen en te evalueren. Dit betekent dat we moeten beoordelen hoe infecties op het niveau van de eenheid en formatie kunnen worden bestreden en hoe civiele autoriteiten breed ondersteund moeten worden. We moeten ook nationale oefeningen op een lager niveau organiseren – en niet alleen ‘table top drills’ met stafofficieren in een verwarmd lokaal - en goed ontwikkelde rampenplannen hebben en inoefenen voor pandemische response.
Voorraden voor de volgende ‘oorlog’. Tot slot moeten we nadenken over de ontwikkeling van uitrusting en militaire systemen die snel kunnen worden ingezet tegen het volgende virus. Onze huidige povere voorraad van persoonlijke beschermingsmiddelen is een duidelijke tekortkoming. We hebben nood aan een nationale inventaris van kritische medische apparatuur, uitrusting en voorraden, net zoals we een oorlogsreserve van brandstof en munitie nodig hebben. Voorraden kunnen worden opgeslagen op beveiligde militaire bases. Het leger is zeer goed in voorraadbeheer en opslag, en dit zou een logische plek om te beginnen.
Het draagvlak van Defensie bij de Belgische bevolking kan er maar wel bij varen. Maar vooral, onze paraatheid zou er wezenlijk door verbeteren.
Het triestige bilan van de rekruteringen 2019
De sectie Rekrutering en Selectie van HRB publiceert jaarlijks een overzicht van de wervingsactiviteiten. Het rapport van 2019 geeft een gedetailleerd overzicht van de reddingsinspanningen van de militaire getalsterkte. Hoewel we over het algemeen kunnen zeggen dat het personeel dat aan deze prioritaire missie is toegewezen echt zijn best heeft gedaan, met cijfers die vaak dicht bij de doelstellingen liggen, verloor Defensie uiteindelijk nog steeds veel meer militairen dan ze er kon aanwinnen.
'Too little, too late!' zegt men in het Engels. Te weinig nieuwe rekruten in vergelijking met wat er moet worden aangeworven en te laat in vergelijking met de vertrekgolf die Defensie al enige tijd teistert. Bovendien kampen sommige personeelscategorieën met een dramatisch tekort, met name onder de technici, voor wie het leger arbeidsvoorwaarden biedt die ver verwijderd liggen van de standaarden in de burgerij.
Het kleine overzicht van 2019 vertelt ons dat, ondanks het harde werk van de rekruteerders, het aantal sollicitanten (5.431) verbeterd is, maar dat het lager blijft dan in 2016 (6.015). Slechts zes jaar eerder wist Defensie meer dan 9.000 sollicitanten aan te trekken. Het beperken van de rekrutering in 2014/2015 door de regering Michel heeft catastrofale gevolgen gehad, maar verklaart op zich niet de verschrompeling van het aantal jongeren dat sinds 2013 in het leger geïnteresseerd is. Zelfs de grote communicatie-inspanningen in 2018 en 2019 leveren niet veel op. Het is duidelijk dat het militaire beroep niet langer populair is. De aankondiging van een pensioenhervormingsplan eind 2016 heeft de zaken niet verbeterd. Hoewel dit plan inmiddels in de ijskast is gezet, worden de gevolgen ervan nog steeds gevoeld in de vorm van demotivering en een gebrek aan vertrouwen van het personeel in actieve dienst tegenover Defensie als werkgever. De beste ambassadeurs voor Defensie zijn de militairen zelf. Zonder hun steun is het des te moeilijker om jongeren te overtuigen om de stap te zetten. De ontoereikendheid van de lonen en arbeidsvoorwaarden in verhouding tot vergelijkbare beroepen in de civiele sector, verergeren de situatie waarin het leger zich bevindt. Tot slot, heden ten dage worden alle vrijwilligers aangeworven onder het precaire BDL-statuut. Deze handicap is moeilijk te verwerken wanneer andere organisaties, zoals de Politie, vaste en beter betaalde contracten aanbieden. Het bilan spreekt voor zich: in 2016 hadden we gemiddeld 7 kandidaten voor 1 plaats. In 2019 waren er nog slechts 2,6 kandidaten voor 1 plaats...

Ramp
Hoe zorgwekkend deze cijfers ook zijn, de situatie in sommige ambtengroepen is dramatisch. Het wordt uiterst moeilijk, zo niet onmogelijk, om tandartsen, elektromechaniciens, ingenieurs, musici, informatici, verpleegsters, meteorologen, optroniekers, enz. aan te werven. Zelfs posten waar jongeren vroeger voor vochten, zoals officier-piloot, zijn nu een probleem. Bij de onderofficieren-technici werden bijna de helft van de opengestelde plaatsen niet ingevuld. Omdat het deficit jaar na jaar groeit, leidt het chronische tekort aan specialisten nu tot een ramp in de eenheden. Zij worden nu door gebrek aan personeel gedwongen risico's te nemen of om hun operationele capaciteiten te beperken, wat we direct op het terrein hebben kunnen vaststellen.
Om deze helse spiraal te doorbreken, moet Defensie zijn toevlucht nemen tot soms dubieuze trucs. Zo stellen we vast dat het percentage medische geschiktheid in vijf jaar tijd met 40% is gedaald bij de sollicitanten. Het lijkt echter zeer onwaarschijnlijk dat de gezondheid van jonge Belgen drastisch is verbeterd. Men kan alleen maar veronderstellen dat de criteria (van deliberatie) naar beneden zijn bijgesteld. Rekruteren we nu matrozen die slecht horen, infanteristen met een slechte rug en parachutisten met een neurose?
Achter deze stijgende cijfers verbergt het bilan van 2019 een ongekende tragedie voor Defensie en haar personeel. De inzet en toewijding van de verantwoordelijken voor de selectie en opleiding van de jongeren hebben ertoe geleid dat 2.074 nieuwe militairen in 2019 konden ingelijfd worden, meer dan het aantal open plaatsen (2.035). Desondanks is de getalsterkte van het leger weer sterk afgenomen. De werving is onvoldoende, zowel in kwantiteit als in kwaliteit. Het wordt steeds duidelijker dat er een grote verandering nodig is om Defensie te redden.
Goede wil volstaat niet langer.