logo acmp cgpm
dé militaire vakbond

NL

FR

EN

Zoek een afgevaardigde

Nieuws uit het Militair Onderhandelingscomité

27/04/2018

Op vrijdag 27 april 2018 zijn de dossiers inzake de ‘tweetaligheidstoelage’ en de ‘speed pedelec’ aan bod gekomen in het Militair Onderhandelingscomité. In dit comité zetelen zowel de vertegenwoordigers van de minister van Defensie en van de defensiestaf als de representatieve vakorganisaties.

Tweetaligheidstoelage

Met het ontwerp van koninklijk besluit ter aanpassing van de tweetaligheidstoelage wordt beoogd om in een eerste fase zich af te lijnen op de bedragen die van toepassing zijn bij het Openbaar Ambt en dit voor gelijkwaardige taalexamens binnen deze twee departementen.

In een latere fase zal onder andere bestudeerd worden in welke mate er ook andere typisch militaire examens (bv. wezenlijke kennis OLt en Maj) als gelijkwaardig kunnen beschouwd worden met bepaalde examens bij het Openbaar Ambt. Dit laatste is een vrij complex gegeven aangezien bv. de criteria om in het examen te slagen bij het Openbaar Ambt sterk kunnen verschillen met de criteria die bij Defensie worden toegepast. Hierbij dient echter te worden opgemerkt dat het niet de bedoeling is om de taalexamens van Defensie aan te passen.

Binnen het kader van de eerste fase zullen, vanaf de publicatie van het nieuwe koninklijk besluit in het Belgisch Staatsblad, de volgende bedragen van toepassing zijn:

Betrokken personeelscategorie

Vereiste niveau

Actueel maandelijks geïndexeerd bedrag

Toekomstig maandelijks geïndexeerd bedrag

Offr (Niv A en B)

Grondige kennis van het Nederlands of het Frans

€ 41,48

€ 184,07

OOffr (Niv B en C)

Werkelijke kennis van het Nederlands of het Frans

€ 20,75

€ 133,87

Vrijwilligers

Werkelijke kennis van het Nederlands of het Frans

€ 20,75

€ 125,50

Er kan slechts een tweetaligheidstoelage toegekend worden indien men uiteraard gelijktijdig ook over de kennis van de andere landstaal beschikt, met name de moedertaal (Nederlands of Frans). Op aangeven van de vakorganisaties zal ook een haalbaarheidsstudie uitgevoerd worden voor het invoeren van een meertaligheidspremie. Zodat we niet langer geconfronteerd worden met het gegeven dat bv. de kennis van het Engels geen aanleiding geeft het toekennen van een bepaalde toelage.

Speed pedelec

Met dit dossier wordt de toekenning van een fietsvergoeding in het kader van het woon-werkverkeer uitgebreid tot de ‘speed pedelec’. Dit gebeurt middels een wijziging vanhet bestaande koninklijk besluit van 9 december 2010 houdende de toekenning van een vergoeding voor het gebruik van de fiets aan de militairen.

Zo zal de bestaande definitie van het begrip ‘fiets’ worden uitgebreid waardoor de huidige snelheidsbeperking van 25 kilometer per uur wordt opgetrokken naar 45 kilometer per uur. Niettegenstaande de snelle elektrische fietsen of ‘speed pedelecs’ reeds op fiscaal vlak werden gelijkgesteld met de ‘gewone fiets,’ zal het dus in de toekomst mogelijk worden om ook een vergoeding te ontvangen bij het gebruik van dit type fiets. Daarnaast zal ook de mogelijkheid geboden worden om de fiets te gebruiken in combinatie met het eigen voertuig. Zo wordt het onder meer mogelijk om de fietsvergoeding te bekomen wanneer iemand bv. zijn fiets zou gebruiken om zich naar een ‘carpoolparking’ te begeven en vandaaruit het traject naar de werkplek verder te zetten met het eigen voertuig van een collega. De aangekondigde wijziging zal slechts in voege treden op de eerste dag van de tweede maand volgend op de bekendmaking van de nieuwe bepalingen in het Belgisch Staatsblad. Verwacht wordt dat dit dus nog enkele maanden kan aanslepen aangezien dit dossier nog de verdere administratieve weg dient te volgen.

In de rand van de hogervermelde aanpassingen werd eveneens een discussie gevoerd over de huidige toepassingsregels voor de toekenning van de fietsvergoeding. Zo wordt er in de praktijk vastgesteld dat zowel de juiste bepaling van de vertrekplaats (lees: verblijfplaats) als deze van de aankomstplaats (lees: werkplaats) van het individu soms voor discussies zorgen bij het berekenen van het traject waarvoor men de fietsvergoeding mag aanvragen. Voor een correcte interpretatie van beide noties (verblijfplaats en werkplaats) wordt verwezen naar de bestaande militaire richtlijn DGHR-SPS-INDVER-003.

Op aangeven van de vakorganisaties – en de ACMP-CGPM in het bijzonder - zal de overheid binnen de maand een nieuw voorstel van interpretatie voorleggen, waarbij het de bedoeling is om een duidelijk kader af te bakenen en de trajecten te erkennen die strikter aansluiten bij de reële verplaatsingen.

Dit betekent enerzijds dat niet langer het ‘domicilieadres’ maar uw regelmatige verblijfplaats in rekening zou worden gebracht. En anderzijds dat niet langer de ‘toegangspoort van de kazerne’ als berekeningspunt gehanteerd zou worden, maar wel de reële werkplek in de kazerne. Al moet voor deze zaken toch nog een en ander duidelijk gedefinieerd worden, teneinde de praktische modaliteiten zo correct mogelijk te kunnen toepassen.


Terug

mountain bike 2831816 1920